Caravans.net - Alles over caravans: nieuws, informatie, accessoires, techniek & onderhoud - Tweedehands & nieuwe caravans

 

Nieuwsrubrieken

 

Toebehoren

Caravannen

Techniek/accessoires

Rijden met de caravan

Iedereen die voor de eerste keer met een caravan aan de haak wegrijdt ervaart de invloed van de extra massa bij het wegrijden. De auto moet harder werken en er moet vaker geschakeld worden.

 

Eenmaal op gang, dan lijkt het ineens mee te vallen. Tenminste zolang er rechtuit gereden wordt. Bij de eerste bocht moet er echter al het besef zijn dat de auto-caravancombinatie langer is en dus mag de bocht niet te kort worden genomen. Tot zover doen zich in de meeste gevallen nog geen problemen voor.

Manoeuvreren

Anders wordt het wanneer er met de combinatie een stukje achteruit moet worden gereden of wanneer er achteruit moet worden ingeparkeerd. Ook het inhalen en het rijden in de bergen vergt bepaalde inzichten in het verkeer en kennis over het weggedrag van de combinatie. Bij deze punten wordt hierna stil gestaan en aangegeven waar je in het bijzonder op moet letten.

Oefening baart kunst

Het rijden en manoevreren met een caravan leer je het beste door dit te oefenen. In het begin wanneer je de basisvaardigheden wilt oefenen, zoals het aan- en afkoppelen, het nemen van een bocht (maximale schaarhoek), het recht achteruit rijden, of het met een bocht achteruit rijden (inparkeren), kun je het beste een parkeerterrein of ander open terrein opzoeken waar je ongehinderd kunt manoevreren en je niet snel een schade aan de combinatie zult oplopen. Bij deze oefeningen heb je wel de hulp nodig van een andere persoon, bij voorkeur iemand die ervaring heeft in het rijden met een aanhanger.

 

Wanneer de oefeneningen niet lukken, of je geen hulp hebt, dan kun je ook onder de begeleiding van ervaren instructeurs een caravantraining volgen. Hierna vind je een aantal tips hoe je de eerste oefeningen zelf kunt doen.

Recht achteruit rijden

Voor het recht achteruit rijden is een goed stand van de hulpspiegels noodzakelijk. De spiegels zijn goed afgesteld wanneer je in normale houding achter het stuur zit en in de beide spiegels nog een stukje de zijkant van de caravan kunt zien en het weggedeelte achter de caravan. Een hulpmiddeltje hierbij is wanneer iemand op ongeveer 20 meter afstand in het verlengde van de caravanzijwand achter de caravan gaat staan.


Om een caravan recht achteruit te laten rijden moet je een belangrijke stelregel, het zogenaamde S-principe kennen. Dit S-principe houdt in dat wanneer je het stuurwiel van de auto naar rechts draait, de achterkant van de caravan naar links zal draaien en omgekeerd. Je moet dus tegenovergesteld reageren (sturen) op je wat de caravan ziet doen. Met dit in het achterhoofd volgt de tweede belangrijke stelregel: langzaam rijden. Kies aan het begin van de oefening een vast punt een flink stuk achter de caravan (b.v. een klapstoeltje als herkenningspunt). Je hebt zo houvast bij het bepalen van de koers. Door de snelheid laag te houden kun je met kleine stuurcorrecties reageren op de bewegingen van de caravan zoals je die in de caravanspiegels ziet. Gaat de achterkant van de caravan naar links, dan moet je ter correctie naar links sturen. Gaat de achterkant naar rechts, dan draai je het stuur ook naar rechts. Bij een te hoge snelheid kun je niet tijdig reageren en schaart de combinatie al snel en rest maar één ding; een stukje vooruit rijden en het opnieuw proberen. Bij het oefenen is het handig als er iemand bij is om aanwijzingen te geven en om te bewaken dat er zich niets achter de caravan bevindt bij het achteruit rijden. Helemaal ideaal is het als er ook een ervaren iemand in de auto zit die 'meekijkt' en zonodig aanwijzigingen tot stuurcorrecties kan geven.

Bochten maken

Voor het maken van bochten is het gewenst dat je de maximale schaarhoek van de auto-caravancombinatie leert kennen. Dit is het gemakkelijkste vast te stellen door langzaam een cirkel te rijden, waarbij een tweede persoon in de gaten houdt dat de afstand tussen de caravandissel en de autobumper of - spatbord niet kleiner wordt dan zo'n 25 centimeter. Op het moment dat de maximale schaarhoek is bereikt wordt in de caravanspiegels een referentiepunt op de caravan gezocht. Als zo'n punt niet is te bepalen, kun je overwegen om als referentie een gekleurd stukje tape op de caravan aan te brengen. Aan de hand van het vastgestelde referentiepunt weet je voortaan wanneer de maximale schaarhoek is bereikt en je een bocht iets ruimer moet nemen. Zoals in het begin al werd opgemerkt dient je met een caravan aan de haak een bocht ruimter te nemen. Hierbij moet je niet alleen letten op stoepranden, greppeltjes en dergelijke maar ook op laaghangende takken of bijvoorbeeld overkappingen van gebouwen op een kampeerterrein.

Inparkeren

Het in het vorige onderdeel bepaalde referentiepunt kun je ook gebruiken bij het achteruit inparkeren van een caravan. Ook deze manoevre kun je het beste oefenen door een denkbeeldige parkeerplaats na te bootsen, bijvoorbeeld met behulp van op vier punten opgestelde klapstoeltjes. Het achteruit inparkeren gebeurd door de auto-caravancombinatie eerst rechtuit langzaam achteruit te rijden tot het moment dat de achterzijde van de caravan is aangekomen bij het begin van de bocht van de parkeerplek. Op dit punt wordt langzaam ingestuurd om de caravan een halve cirkel te laten maken. Stuur niet te scherp in en hou in de spiegels het referentiepunt voor de maximale schaarhoek in de gaten. Kijk hierbij niet alleen naar de bewegingen van de caravan maar hou ook de voorzijde van de auto in de gaten omdat deze in de laatste fase van inparkeren naar buiten toe wegdraait.

Inhalen

Wanneer je met een auto-caravancombinatie aan het verkeer deelneemt kom je in situaties die extra aandacht vragen van de bestuurder. Zo zorgen bijvoorbeeld passerende vrachtauto's en autobussen voor een grote luchtverplaatsing wat leidt tot 'duwen' als de achterzijde van de caravan wordt ingehaald en tot 'trekken' als het inhalende voertuig de caravan net is gepasseerd. Je kunt hierop anticiperen door op de eigen rijstrook zoveel mogelijk rechts te gaan rijden. Ook wanneer je zelf een inhaalmanoevre uitvoert krijg je te maken met dergelijke luchtcirculaties. Daarbij komt dat vrachtauto's weliswaar zijn begrensd qua snelheid maar beschikken over veel meer vermogen. Bij tegenwind of een licht hellend vlak kan het daarom voorkomen dat de vrachtauto die je aan inhalen bent zijn snelheid behoudt terwijl jij er maar niet voorbij lijkt te komen. Stel het moment van inhalen daarom beter even uit tot de omstandigheden gunstiger zijn en je het achteropkomend verkeer niet hindert door lang links te blijven rijden.

Stijgen en dalen

Het rijden met auto en caravan in de bergen vraagt ook om speciale aandacht. Bij het stijgen is het belangrijk om in de juiste versnelling en met het juiste toerental te klimmen. Schakel daarom tijdig terug zodat je de gang erin kan houden. Kies voor de rechtse rijbaan en haal alleen verkeer in dat veel langzamer is en alleen op een moment dat er voldoende ruimte is, want de verschillen in snelheid kunnen erg groot zijn en voor je het weet is het achteropkomende verkeer bij je. Moet je bij het stijgen al goed opletten, bij het dalen zijn de risico's zelfs groter. Het grootste gevaar ligt hier bij de snelheid. Ook 'duwt' de caravan nu de auto. Onder deze omstandigheden is de kans op slingeren erg hoog. Niet voor niets staan er bij steile afdalingen waarschuwingsborden met een snelheidsbeperking voor caravans. Een goede manier van dalen is door te snelheid laag te houden, hierbij af te remmen op de motor en ook regelmatig even kort maar krachtig af te remmen. Dit spaart de remmen van de auto en de caravan. Wanneer je niet via de doorgaande autosnelwegen reist, kun je te maken krijgen met steile hellingen. Moet je op zo'n steile helling stoppen, dan kan het wegrijden een probleem zijn. Een oplossing is om de caravan iets schuin terug te laten zakken (scharen). Zo creëer je ruimte om een kort 'aanloopje' te maken. Zorg wel dat de motor hierbij veel toeren (kracht) maakt. Het eventueel doorslippen van de voorwielen bij het wegrijden is niet erg. Laat het gas dan langzaam terugkomen zodra de combinatie begint te rollen.

Slingeren, wat nu?

Door de hogere snelheid en de luchtcirculatie bij het inhalen van vrachtauto's en bussen of door turbulentie bij bruggen en viaducten liggen de risico's op een slingerende combinatie hoger. Het slingeren kan varieren tussen het nog vrij onschuldige, maar wel hinderlijke kwispelen van de caravan tot het heftig heen en weer zwaaien van de caravan, met hierbij de kans dat de combinatie schaart of omslaat.

 

 

Meer over caravannen

 

|