Kampeergas: voor veiligheid
zorg je zelf
door Aad van der Poel
AMSTERDAM, 30 augustus 2001
Gelukkig valt het aantal ongelukken dat aan gebrekkige gasapparatuur
in caravans is toe te schrijven mee. Toch is elk incident
er één te veel. Gek genoeg blijkt er vrijwel
niets bij wet geregeld; de overheid lijkt nauwelijks oog te
hebben voor de risico's die kampeerders lopen. Daarom is het
maar goed dat zij wel door allerlei instanties worden geadviseerd
hoe met gas om te gaan.
Nog een week of vijf, zes en dan staan vrijwel alle caravans
weer in hun winterstalling. In de meeste gevallen zonder gasflessen,
want die staan stallinghouders wegens ontploffingsgevaar bij
brand niet toe. De flessen moeten er dus uit. Ze gaan mee
naar huis of worden ergens anders opgeslagen. In schuurtjes,
op het balkon, onder een afdakje in de tuin, bedenk het maar.
Tijdens het vullen staat de fles op een weegschaal. Zodoende
is precies te zien wanneer hij het vulgewicht heeft bereikt.
Volgens de hinderwet is het aan huishoudens toegestaan twee
gasflessen van elk 10 liter in bezit te hebben. Die flessen
mogen dus thuis worden opgeslagen. De brandweer adviseert
ze op een goed geventileerde plaats neer te zetten. Op het
balkon mag dus ook, maar dan wel in de schaduw. Zet ze ook
in het zicht. Zodoende ziet een brandweerman bij calamiteiten
direct waar hij mee te maken heeft.
Toch zijn er ook stallinghouders die het probleem van hun
klanten onderkennen en ze daarin tegemoet komen. Op een afgelegen
plaats van hun terrein bouwen zij een speciaal depot voor
gasflessen. Nou klinkt 'depot' nogal chique, maar erg veel
meer dan een betonnen vloer, een viertal wanden met daarin
flinke ventilatie-openingen en een dak hoeft dat niet te zijn.
Als de brandweer zo'n gebouwtje vooraf komt keuren, wordt
er vooral op gelet of de gasflessen die daarin opgeslagen
worden goed bereikbaar zijn. Bij brand zijn ze zodoende eenvoudig
nat te houden of te verwijderen.
Helemaal 'af' is zo'n depot, als er ook nog een vulinrichting
aan wordt toegevoegd. Dankzij de weegschaal, die deel uitmaakt
van zo'n installatie, zijn gasflessen heel nauwkeurig te vullen.
Het leeggewicht en het vulgewicht in de grijsgroene caravanflessen
gaat 5 kg propaan staan er namelijk op vermeld. Als het kamperende
volkje zich in het voorjaar dus weer meldt om hun caravans
op te halen, kan het met een of twee volle gasflessen op stap.
Een gasfles valt onder het keuringsregime van het Stoomwezen.
Dit houdt in dat-ie elke tien jaar opnieuw gekeurd moet worden.
Deze termijn staat op de fles vermeld. De kosten die met het
innemen en herkeuren gemoeid zijn (circa 40) worden
doorberekend in de kostprijs van een fles. Ruil je bijvoorbeeld
een vijf jaar oude fles om voor een nieuwe, dan betaal je
ongeveer twee tientjes statiegeld. En daar komt de vulling
dan nog bij natuurlijk.
Hoewel het Stoomwezen geen oog heeft voor de drukregelaar
dat veelal ronde apparaatje tussen fles en slang adviseren
allerlei instanties, waaronder de ANWB, die zeker elke vijf
jaar te vervangen. De fles gaat dus twee keer zo lang mee.
In een drukregelaar zitten echter mechanische onderdelen die
aan slijtage onderhevig zijn. Als daarin een storing optreedt,
bestaat er een kans dat de gasdruk in de leidingen plotseling
sterk oploopt. Een steekvlam bij het aansteken van bijvoorbeeld
het kooktoestel is daarvan het gevolg. Op de betere regelaars
staat het jaar waarin hij geproduceerd is aangegeven. Ook
op de gasslang behoort een jaartal te staan. Ze zijn er in
verschillende uitvoeringen, maar de meeste zijn zwart of oranje
van kleur. Met name de zwarte hebben de neiging uit te drogen.
Kleine scheurtjes verraden soms al na drie jaar dat zo'n slang
hard aan vervanging toe is.
* Aad van der Poel is redacteur van de Kampeer & Caravan
Kampioen.
Bron: De
Telegraaf
|