Niemand heeft last van
mijn caravans
Kampeerboerderijen willen uitbreiden,
maar mogen tot hun woede niet meer gasten ontvangen. Rijk
en gemeenten willen het landelijk gebied landelijk houden.
,,Het is te gek om los te lopen.''
Kamperen bij de boer wordt steeds populairder. Maar vooralsnog
zijn boeren aan strenge regels gebonden. Ze mogen maximaal
10 kampeerplaatsen verhuren. Volgens hun belangenorganisatie,
de Stichting Vrije Recreatie (SVR), in Meerkerk is dat veel
te weinig.
Er zijn plannen om het boerenerf open te stellen voor 15
kampeerders. ,,Maar die wijziging van de Wet op de Openluchtrecreatie
komt er maar niet. Misschien door de geweldige lobby van
de campings'', veronderstelt voorzitter Wim van den Berg
van de SVR. Over zijn collega-kampeerboer Arie Troost (57)
in Zuidland - op het eiland Voorne-Putten - zegt Van den
Berg: ,,Het is te gek om los te lopen dat die man van zijn
gemeente maar vijf kampeerplaatsen mag verhuren.''
De gemeente wil het niet te druk laten worden in de polder.
Het moet een landelijk gebied blijven. Troost verbouwt op
45 hectare aardappels, suikerbieten, tarwe en uien. Maar
de opbrengst daarvan loopt terug en daarom biedt hij sinds
zeven jaar ook onderdak aan toeristen.
,,Elke cent is mooi meegenomen'', zegt hij. ,,En het is
ook gezellig, want je hebt wat aanspraak en je ziet hoe de
mensen het hier naar hun zin hebben. Het is heerlijk om de
mensen te laten genieten van rust en stilte. Ik heb tien
aansluitingen voor de elektriciteitsvoorziening van caravans
gemaakt, maar - helaas - ik mag niet meer dan vijf caravans
of tenten plaatsen.''
Onzin, vindt Troost. Niemand heeft er last van. ,,Die caravans
zie je nauwelijks, want ze zijn door bomen omgeven. En mijn
gasten verplaatsen zich meestal per fiets naar het Spui en
het Haringvliet. Of ze gaan Brielle, Hellevoetsluis of Heenvliet
verkennen. Overlast veroorzaken ze niet.''
Uitbreiding van de camping leidt niet tot een roep om extra
voorzieningen, denkt de boer. ,,Aan tennis of golfen hebben
onze gasten geen behoefte. Ze komen hier om te zonnen en
voor de rust, die ze in hun eigen omgeving missen. Om hier
te komen moeten ze eerst door dat gekkenhuis van fabrieken
en auto's dat Botlek heet en dan komen ze hier in een oase
van rust. Het zijn vooral 55-plussers die hier kamperen.''
Troost zegt dat de gemeente hem heeft aangeraden zich neer
te leggen bij het besluit over het aantal caravans en tenten.
,,Ze zeiden: `Ga er maar niet tegen in beroep, want dat heeft
weinig zin.' Maar als de landelijke limiet naar 15 gaat,
ga ik natuurlijk wel proberen meer mensen te mogen ontvangen.
De voorzieningen zijn er al. In de voormalige koeienstal
zijn dubbele douches en toiletten. En we hebben brandblussers
en verbandtrommels, want dat moet. Dat heeft me destijds
alles bij elkaar 40.000 gulden gekost.''
Bron: Algemeen
Dagblad
|